In de vee-industrie worden moedervarkens rond iedere bevalling wekenlang opgesloten in een krappe kooi. Volgens varkenshouders is dat nodig om te voorkomen dat een zeug per ongeluk haar biggen plet. Maar het echte probleem ligt dieper. Juist de omstandigheden in de stal maken de jonge biggen kwetsbaar. Als een moedervarken genoeg ruimte heeft voor natuurlijke gedrag, weet ze haar biggen prima te beschermen.
Krap hok, veel biggen
Pasgeboren biggetjes zijn vooral in de eerste paar dagen kwetsbaar. Dan is het risico het grootst dat moeder per ongeluk op een big gaat liggen. Niet omdat ze ongevoelig of lomp is, maar omdat ze met zo’n 16 piepkleine biggen is opgesloten in een veel te krap hok. Er is nauwelijks ruimte voor de kleintjes om hun moeder te ontwijken.
Steeds meer zwakke biggen
De vee-industrie fokt doelbewust op zeugen die bij elke bevalling steeds meer biggen krijgen. Maar juist die grote aantallen verhogen het risico op geplette biggen. Want die grote hoeveelheid biggen per zwangerschap bevat meer kleine en zwakke biggetjes. Die zijn te zwak om op tijd aan de kant te gaan als hun moeder gaat liggen. Zo creëert de vee-industrie zelf een probleem, en gebruikt ze vervolgens de kraamkooi als zogenaamd noodzakelijke oplossing.
Geef moedervarkens de ruimte
Een zeug is van nature juist een voorzichtige moeder. Voor de geboorte bouwt ze een warm nest. Gaat ze liggen, dan snuffelt ze eerst aan haar biggen, knort naar ze en duwt ze zachtjes opzij met haar snuit. Een moedervarken heeft geen kraamkooi nodig om haar biggen te beschermen, maar ruimte voor natuurlijke gedrag.
Teken de petitie en strijd mee voor een einde aan de kraamkooi!
Als bioloog voerde ik 5 jaar lang wetenschappelijk onderzoek uit naar het gedrag en welzijn van varkens in de intensieve varkenshouderij. Dit werk bracht me oog in oog met het dierenleed dat zich op varkensbedrijven afspeelt. Varkens worden behandeld als producten en niet als de slimme, nieuwsgierige levende wezens die ze zijn. Dit wil ik veranderen. Bij Varkens in Nood zet ik me daarom in voor de miljoenen varkens in de Nederlandse vleesindustrie.