Het doorfokken van dieren

In 1997, toen de Stichting Varkens in Nood werd opgericht, kregen zeugen 24 biggen per jaar, een enorme ‘vooruitgang’ ten opzichte van het oorspronkelijke wilde zwijn met maar 5 à 6 biggen per jaar. Inmiddels zitten veel boeren op 30 biggen per jaar en het einde is nog niet in zicht.

Door het fokken op groei hebben varkens een zeer slechte thermoregulatie gekregen en organen die het zware lijf nauwelijks aankunnen. Van de genetische rommel die kip heet, is wetenschappelijk aangetoond dat het immuunsysteem dramatisch is verslechterd door het eenzijdig fokken op snelle groei. Massaal gebruik van antibiotica en dierziektes zijn het gevolg. Het korte termijn gewin gaat voor en de winst verdwijnt naar Ahold. Volksgezondheid en belastingbetaler hebben het nakijken.

Sinds 1997 verdwijnen de weidevogels massaal. Het verdwijnen van de weidevogels komt voor een belangrijk deel door gebruik van Engels raaigras, dat voor de melkproductie extreem veel eiwitten bevat en totaal doorgefokt is. Weiden zijn net groen asfalt. Ze zijn op dat doorgefokte gras na morsdood; er is geen klaver, kruid of bloem meer te bekennen. De koeien produceren dankzij een zeer eenzijdig dieet veel melk, maar de boer wordt er alweer niet veel wijzer van, evenmin als de koeien en de natuur. En erg gezond zal die melk ook niet zijn. 

Ook de doorgefokte gezelschapsdieren staan in de belangstelling. Honden van bijvoorbeeld het ras Cavalier King Charles Spaniël, de Pim Fortuynhondjes, hebben een ziekenhuis vol erfelijke afwijkingen. Zo hebben ze vaak een te kleine schedel, waar de hersenen nauwelijks in passen. Een kleine schedel is mooi, vinden sommige verdwaasden. Maar het geeft wel chronische hoofdpijn. Onverdraaglijk, zeggen mensen die aan deze ziekte lijden. Oud-staatssecretaris Bleker, die bij velen niet te boek staat als dierenvriend, heeft eens gezegd dat in de fokkerijwereld, zowel bij de bedrijfsmatig gehouden dieren als bij de gezelschapsdieren, “mensen soms helemaal van God los zijn.” Dier&Recht kan zich in die woorden geheel vinden, maar dan zonder het woord 'soms'. 

Bij de fokkerij is bij uitstek te zien hoezeer het marktdenken en de vervreemding van de natuur hebben toegeslagen. Er wordt op een rampzalige wijze gefokt en geboerd en men is er nog trots op ook. Voldoen aan de markt, heet dat. Ik denk en hoop dat de mens in 2050 tot inkeer is gekomen en besloten heeft dat het onzinnig is om dieren steeds verder aan te passen aan de wensen en de hebzucht van de mens. De dierlijke eiwitten zijn vervangen, net als de productiedieren, door humane alternatieven. Voor gezelschapsdieren bestaat strenge wetgeving op het gebied van dierenwelzijn. Vol walging denkt men in 2050 terug aan de barbaarse periode rond 2010. Dat was de periode vlak voordat de mens zich eindelijk ging realiseren dat ze van God was los geraakt en het begin van een periode waarin steeds meer doorgefokte rassen verboden werden.

Varkensinnood.nl
ANBI logo

© Copyright 2017 Varkens in Nood